
Matadi.
Na een voorspoedige reis over een bijkans spiegelgladde zee had de Albertville, een der stoomschepen der Messageries Maritimes du Congo, het anker laten vallen in de ruime, slechts door een smalle landtongvan den Oceaan gescheiden baai, door den machtigen Congostroom aan zijne uitmonding gevormd.
Al dadelijk bij het invaren maakt de rivier een grootschen indruk. Verscheidene K.M. breed, stuwt zij hare wateren, waarvande gele kleur reeds den geheelen dag vóór onze aankomst den aanblik der zee veranderde, met groote snelheid en in ongelooflijkemassa voort. Hare dichtbegroeide, vèrwijkende oevers verliezen zich in de oneindige verte; tot aan den horizon kunnen we stroomopwaartsde wateroppervlakte overzien,—slechts plekken eenige kleine eilanden, hier en daar verspreid, tegen de donkere kleur van hetwater of tegen den helderblauwen hemel af.
In al zijn rustige schoonheid vertoont zich de machtige stroom aan ons oog; niets dan een enkele kleine kano door rechtopstaande inboorlingen voortbewogen, verraadt ons de nabijheid van menschen. Geen geluid dringt over die uitgestrektheid totons door, stil en indrukwekkend ligt de Congo, zich badende in het verblindend witte, tropische zonlicht, voor ons.
Alleen als we over de baai naar de landtong, die we straks bij het binnenkomen omstoomden, terugblikken, zien we dat onzeaankomst opgemerkt werd.
Eenige sloepen, waarin ambtenaren van den Congostaat of vertegenwoordigers van hier gevestigde Europeesche handelshuizen gezetenzijn, bewegen zich over het water, en ’t duurt niet lang of de inzittenden haasten zich aan boord, om bij het afdoen hunnerzaken weer eens iets anders te zien dan hunne dagelijksche omgeving, die op ’t stukje grond, tusschen rivier en oceaan gelegen,dat hun tot verblijfplaats dient, niet zeer afwisselend is; vooral ook, om het nieuws te vernemen, dat elke stoomer uit Europamedebrengt.
De voor ons liggende landtong, Banana geheeten, vertoont ons, op eenigen afstand gezien, een liefelijk beeld van rust en koelte;wuivende palmen overschaduwen met hunne sierlijke, waaiervormige bladerkronen eenige lage, witte huizen, die met hunne helderwittedaken scherp tegen het donkere groen Bladzijde 282afsteken. Nadere kennismaking met Banana echter valt niet mede, althans niet wat natuurschoon betreft. Als we ons aan landbegeven hebben zien we, dat de bodem niet veel anders is dan het zandige zeestrand, en hoewel er palmen in overvloed op groeien,is er van anderen plantengroei bijna geen spoor te ontdekken. Aan zijn gunstige ligging heeft Banana het dan ook slechts tedanken, dat zich hier verscheidene blanken gevestigd hebben.
Allereerst zien we de groote factorij van het belangrijkste handelshuis dat op den Congo handel drijft, het overal in hetbinnenland gevestigde Hollandsche Huis, eene te Rotterdam bestaande vennootschap, die hier haar hoofdkantoor voor Afrika heeft.Hare groote magazijnen, woningen voor geëmployeerden, kantoor, werkplaatsen etc. nemen een groot deel der oppervlakte in beslag.Al deze gebouwen zijn uitstekend onderhouden en het geheel maakt aanstonds den indruk van groote orde en netheid; het doetons goed, boven deze groote vestiging onze vaderlandsche driekleur te zien waaien.
Nog eenige Belgische en Fransche maatschappijen he